Colofon | ContactEN | FR

Administratieve rompslomp

Sinds jaar en dag hield Parijs zicht op elk individu dat de staatsgrens was overgestoken. Tot in het begin van de negentiende eeuw betekende dit elke reiziger zich moest wapenen met een officiële reistoelating vooraleer fysiek de Franse grens over te steken. Tijdens de Restauratie (1814-1830) werd deze migratiecontrole verschoven van het moment van grensovergang naar de eigenlijke vestiging in Frankrijk. Elke nieuwkomer hoorde zich kort na aankomst te melden bij de gemeentelijke autoriteiten.

Verblijfsvergunning uit 1856 afgeleverd door de gemeente Ronk
(Foto: Saartje Vanden Borre)

De volgende decennia werd de maatregel weinig systematisch opgevolgd, tot in 1851 Louis Napoleon – de latere keizer Napoleon III – bevestigde dat elke vreemdeling zijn aanwezigheid binnen de drie dagen na aankomst op het stadhuis kenbaar moest maken (de zogenaamde déclaration de résidence). De formulieren werden op het stadhuis opgemaakt en via de prefectuur naar Parijs gestuurd, waar het ministerie van Binnenlandse Zaken het laatste woord had over de toekenning van een verblijfsvergunning. Op basis van de gegevens die het ministerie op die manier verkreeg, stelde zij in 1851 voor de eerste maal vreemdelingenstatistieken op.